Het Planbureau voor de Leefomgeving ziet het aantal leegstaande kantoren in Nederland dalen, maar vind de leegstand nog altijd aan de hoge kant. Ook wordt verwacht dat deze trend door zal zetten de komende jaren. Wel zijn er verschillen zichtbaar tussen de verschillende regio’s. Dit blijkt uit de beleidsstudie ‘Divergentie op de kantorenmarkt’.

Uit de analyse van deze studie blijkt dat de negatieve effecten vooral voor de eigenaar van de leegstaande panden gelden. De eigenaar loopt immers inkomsten mis. De overheid zal dan dus nog niet ingrijpen. Pas wanneer de leegstand zorgt voor problemen in de omgeving, zoals lagere huizenprijzen, zal de overheid overwegen om in te grijpen.

De overheid kan ingrijpen door nieuwbouw te ontmoedigen. Dit kunnen zij doen door minder ruimte voor nieuwe kantoren vrij te maken. Dit kan er al voor zorgen dat bedrijven eerder geneigd zijn om in een leegstaand pand te trekken. Ook kunnen de leegstaande kantoorpanden een nieuw doel toegewezen krijgen, zoals woonruimte.